Een tattoo of tatoeage (ook: tatoeëring) is een versiering van het lichaam met onder de opperhuid aangebrachte inkt. De term tatoeage komt waarschijnlijk van het Tahitiaanse woord tatu wat streep of vlek betekent.
Tatoeages worden aangebracht door van inkt voorziene naalden door de opperhuid te prikken. Bij het aanbrengen van een tatoeage moeten voldoende hygiënische maatregelen genomen worden, zoals: enkel en alleen steriele materialen gebruiken.

Er zijn tatoeages op Egyptische mummies gevonden, die van 2000 voor Christus dateren. Ook in de klassieken wordt er gerefereerd aan tatoeages bij de oude Grieken, de Germanen en nog meer volkeren. De huidige Europeanen ontdekten de techniek van de tatoeage bij de Polynesiërs en Amerikaanse Indianen. In het Tahitaans betekent het woord tattau markeren.
Er zijn verschillende redenen om een tatoeage te laten zetten:
-
De drager ontleent een bepaalde waarde aan de tatoeage.
-
De drager hoopt aan de hand van zijn tatoeage te worden herkend, na bijv. verdrinking. Dit was de gebruikelijke reden voor zeelui.
-
De drager hoopt gevrijwaard te zijn van bepaalde ziekten door het dragen van een tatoeage. Zo had Ötzi tatoeages op gewrichten, waardoor men vermoedt dat hij aan artrose leed.
-
In Nieuw-Zeeland bracht de oorspronkelijke bevolking vaak tatoeages aan. Dit was om de goden af te schrikken.
-
De drager geeft aan lid te zijn van een bepaalde criminele organisatie zoals de Yakuza in Japan.
Tegenwoordig
wordt tatoeëren gedaan omdat we
het mooi vinden en het als een
meerwaarde voor ons leven en lichaam ervaren.